Rooster de zwarte peperkorrels met de nootmuskaat in een pannetje gedurende 2 minuten of totdat je het gaat ruiken. Maal de specerijen fijn in een vijzel. Voeg er de helft van de knoflook en alle gember en kurkuma aan toe met het zout en maal dit tot een fijne boemboe.
Snijd het rundvlees in grote stukken van ongeveer 5x5cm. Voeg de boemboe en de azijn toe en masseer het vlees goed in met de marinade. Dek het af en zet 30 minuten in de koelkast weg.
Neem een hapjespan of braadpan die in de oven kan en zet op middelhoog vuur. Verhit wat kokosolie met de boter in de pan en fruit daar de sjalotten en de overige knoflook in gedurende ongeveer 5 minuten. Verwarm de oven voor op 170°C.
Zet het vuur iets hoger en doe het vlees en eventueel de schenkel er bij. Schep goed om zodat het vlees dicht schroeit. Zorg dat je de pan niet vol propt, dan kun je het beter in twee keer doen, anders gaat het vlees stoven in plaats van bakken en dat komt de smaak niet ten goede.
Voeg de stukjes tomaat, kruidnagels, foelie, steranijs, het gesneden pepertje en kaneel toe en bak nog even met al het vlees in de pan mee.
Nu kun je ook de palmsuiker, ketjap, djoeroet poeroet blaadjes, bouillonblokje, kokoscrème en het warme water toevoegen en breng het geheel aan de kook. Zorg dat alles goed vermengd is en dat het vlees onder water staat. Vul het met nog een beetje water aan als nodig.
Zet de pan in de voorverwarmde oven en zet de deksel er schuin op, zodat er vocht kan verdampen. Stoof 1,5 uur en roer dan even het stoofvlees door. Is er nog veel vloeistof dan kan je de deksel er af laten en is de saus bijna goed dan kun de deksel er weer half op zetten. Is de saus al helemaal goed, zet de deksel dan op de pan en voeg eventueel nog een beetje water toe. Laat het vlees nog een uur stoven en haal dan de pan uit de oven om iets te laten afkoelen voor je serveert.