Voeg het amandelmeel, bloem, zout en suiker in de kom van je standmixer en zet de platte garde er op. Meng snel met een garde om alle ingrediënten gelijkmatig te verdelen. Je kunt dit ook met een foodprocessor, handmixer of met de hand.
Nadat je de boter in kleine blokjes hebt gesneden, doe je deze in de kom met de droge ingrediënten en start je de machine op lage snelheid. Je zult zien dat de boter steeds meer op gaat in het mengsel tot je een korrelig mengsel krijgt dat er “zanderig” uit ziet qua uiterlijk en textuur. Stop dan de machine.
Voeg vervolgens het ei toe aan de kom van de keukenmachine en begin weer op lage snelheid te mengen. Het deeg komt langzaam samen. Stop de machine zodra het deeg volledig homogeen is en samen klontert en haal het met een schraper uit de kom.
Deel het deeg in twee deegballen. Kneed nog even als nodig, maar niet overbodig blijven kneden. Plaats elke bal deeg tussen twee vellen bakpapier, zodat je geen extra bloem hoeft toe te voegen. Rol het deeg uit met een deegroller en draai het deeg regelmatig tussen elk gebruik van de roller. Het doel is om een deeg te krijgen dat gelijkmatig verdeeld is en ongeveer 2 tot 2,5 mm dik. Dunner dan zal het deeg te fijn en te kwetsbaar zijn. Dikker en het deeg zal meer moeite hebben om helemaal gaar te worden en is minder aangenaam om te eten. Leg het deeg met de papieren er tussen in de vriezer gedurende 15-20 minuten.
Haal het deeg uit de vriezer en trek het bakpapier van de bovenkant af. Vul nu je beboterde vormpjes met het deeg (ik gebruik graag geperforeerde ringen). Dit kan op twee manieren. METHODE 1: Je maakt een cirkel 3 cm groter dan de bodem en legt die voorzichtig in de ring. Zorg dat je het deeg genoeg ruimte geeft, zodat het in alle hoeken van de bodem komt en maak met een mes of paletmes de rand waar de zijkanten beginnen zo recht mogelijk in een 45graden hoek. METHODE 2: je steekt rondjes uit iets kleiner dan de bodem en je snijdt met een liniaal rechte linten uit het deeg voor de zijkanten. Leg dan eerst de deeg voor de zijkanten op hun plek en leg vervolgens het schijfje er in. Druk samen met je vinger, zodat de naad dicht zit tussen bodem en zijkant.
Prik gaatjes in de bodem met een vork, maar niet helemaal tot de bodem. En zet nu de geprepareerde vormpjes weer 2 uurtjes in de vriezer, of een nachtje in de koelkast. Op die manier weet je zeker dat het deeg niet gaat bewegen en krijgen de glüten rust.